Naar alle columns

Wortelsnijden

Door Agnes Frijlink

Gebit van George Washington
Gebit van George Washington

Nou, daar lig ik dan. Al maanden hing deze datum, dit moment, deze gebeurtenis als een betonblok boven mijn hoofd. Hoe hard ik ook (race)fietste, hoe ver ik ook wegvloog met Arke (nu Tui'), nu is het zover. Er rest niets dan mij gewillig over te leveren aan het vakmanschap van de kaakchirurg. Mijn beul en redder tegelijkertijd.

Vier begevende wortels moeten er maar liefst weggesneden. T.z.t. zullen deze vervangen worden door implantaten, maar dat is nog ver weg. Heden, ben ik gereduceerd tot een open mond waar van alles in en mee gedaan wordt, maar wat allemaal, dat wil ik eigenlijk helemaal niet weten. De smaak van bloed zegt genoeg. Vreemd wat er met je gebeurt als je in zo'n tandartsstoel ligt, achterover, geblinddoekt ter bescherming tegen het felle licht. Mijn lijf is hier, maar ik ben ergens anders. In mijn geest fiets ik mijn favoriete trainingsronde, het is mooi weer, vogels zingen en de vergezichten zijn er prachtig.

Zo lang als er mensen zijn, zijn er tanden die het begeven, nietwaar?

Vele hechtingen later, een beetje stoned van de zware pijnstillers zit ik met een onderkaak als een luchtballon (zeg lief, hoe lang duurt het voor die enorme zwelling wegtrekt?) wat te filosoferen over het gegeven tandentrekken. Zo lang als er mensen zijn, zijn er tanden die het begeven, nietwaar? In het Oude Egypte was men al zeer creatief in het maken van een soort kronen en het vastzetten met ijzerdraad van een losse kies. Ook bestaan er al een paar eeuwen voorwerpen die als kunstgebitten zouden dienen. Van George Washington is bijvoorbeeld bekend dat hij al heel jong zijn tanden verloor. Toen hij in 1789 de eerste president van de Verenigde Staten werd, had hij zich een kunstgebit aan laten meten van mensentanden, ivoor en lood. Of het goed zat, is de vraag.

Gerard van Honthorst
De tandentrekker — Gerard van Honthorst

Ik herinner mij wat schilderijen en tekeningen uit de 16e en 17e eeuw die als onderwerp het tandentrekken hebben. Steevast is er een soort lol-factor aanwezig in de afbeeldingen. Een figuur met een veel te grote tang hannest met dat ding in de opengesperde mond van een tegenspartelend slachtoffer. Omstanders lachen en kijken nieuwsgierig naar het tafereel. Als verdoving zou men de patient dronken voeren.

Mijn oog valt op een werk van Gerard van Honthorst (1592 - 1656). Een in Utrecht geboren Nederlandse schilder die al snel naar Venetië trok en daar veel kennis opdeed van de werken en werkwijze van Caravaggio. Honthorst werkt vervolgens in Londen aan het hof en is een groot succesverhaal. Hij opent ateliers in verschillende steden in Nederland waarin tientallen leerlingen werken. Hij is niet alleen een goed kunstenaar, maar ook een goed zakenman.

Trouwens, wat staat die achterste man nou de nek van die gans vast te houden, die is toch al dood?

Terwijl mijn tong langs de gezwollen plekken en hechtingen gaat, bekijk ik het werk 'De tandentrekker'. Het eerste dat mij opvalt is dat het gebit van het slachtoffer er zo goed en gaaf uitziet. Hoe kan het dat deze man een tand moet laten trekken? Trouwens, wat staat die achterste man nou de nek van die gans vast te houden, die is toch al dood? Vaag! In het gebruik van clair-obscure zien we de invloed van Caravaggio terug; de lichtbron zelf is wat mysterieus (waar komt dat licht vandaan?). De boer die de mand met dode ganzen vasthoudt schijnt te bidden voor een goede afloop. Zijn houding is behoorlijk devoot, alsof hij bij de kruisiging van Christus is. De tandentrekker zelf is blij en vol zelfvertrouwen. Niks aan de hand, komt allemaal goed. Zo doen we dat. Hupsakeeh.

Dat zal best, maar de man in de stoel zal net als ik nog dagen met die zeurende pijn zitten, die dikke kaak afschermen en het brood soppen alvorens het te eten. Ik werp nog een blik op de tang en bedenk mij dat ik toch maar bof dat de tandentrekkers van weleer nu kaakchirurgen zijn die, nadat ze het sloopwerk hebben volbracht, in staat zijn iets nieuws op te bouwen. Later. Nu nog niet. Maar straks, in het nieuwe jaar.