Naar alle columns

Gekwelde kikkers

Door Agnes Frijlink

Stilleven met dode kikker
Stilleven met dode kikker — Jacob Marrel

Wat was dat? Een aangereden vogel? Nee, het zag er anders uit. Aangereden vogels, daar weet ik alles van. Indien niet te gevaarlijk haal ik ze altijd van de straat en leg ze ergens te rusten in de berm. Dit was geen vogel. Wat was het dan? Om daar achter te komen zou ik moeten stoppen en keren, maar daar heb ik geen zin in. Ik fiets een fijne voorjaarsrit op de racefiets, zonnetje erbij. 'Wie dut mie wat'. Intussen was het onbekende iets al weer een kilometer geleden. ….Had ik iets zien bewegen? Ik moet toch keren. Terug zag ik midden op straat, uitgestrekt met zijn tong uit z'n bek, een kikker liggen. Een kikker? Jawel, een mooie kikker. Die moet een goede tik gehad hebben, zag ik, z'n kop is vervormd, kaak gebroken, rechteroog is weg. Maar het beestje leeft nog wel. Wat doe je in zo'n geval? Zo laten liggen kan niet, vind ik; uit het lijden verlossen is het minste wat een mens kan doen. Maar hoe?

Terug zag ik midden op straat, uitgestrekt met zijn tong uit z'n bek, een kikker liggen. Een kikker?
Dode kikker met bromvliegen
Dode kikker met bromvliegen — Ambrosius Bosschaert de Jonge

Kikkers. Zijn er misschien mooie voorbeelden in de schilderkunst te vinden van dode kikkers? Ik stuitte op twee voorbeelden, beide uit de 17e eeuw. Het eerste schilderij waarop ik een kikker trof, is een typisch 17e eeuws Bloemstilleven. De dode kikvors die onder de bloemen ligt, is bijzaak. De schilder is Jacob Marrel, een Duitse kunstenaar die in Nederland werkte. Vermoedelijk was hij een leerling van Jan Davidsz. de Heem, een Nederlandse kunstschilder van uitsluitend stillevens. Stillevens van tulpen en andere bloemen waren zeer gewild in de 17e eeuw. Marrel heeft naast die bloemen ook, of wellicht eigenlijk liever misschien, andere onderwerpen. Hij maakt ook goede portretten. En in zijn stillevens zie je dus soms zomaar iets dat de kleurige en geurige sfeer verpest, zoals een dode kikker.

Bosschaert's macabere schilderijtje met een dode kikker en bromvliegen is een eigenaardig uitzonderlijk werk.

Indrukwekkender dan de kikker van Marrel is de dode kikvors van Ambrosius Bosschaert de jonge (Arnemuiden 1609-1645 Utrecht). Hij was een zoon van Ambrosius Bosschaert de oude (ook een schilder) en hij woonde in Utrecht. Hij volgde zijn vader getrouw na met bloem- en fruitstukken, maar in zijn latere werk gaat hij vrijer en vloeiender schilderen. Hij heeft iets met bromvliegen, die hij knap schildert. Bosschaert's macabere schilderijtje met een dode kikker en bromvliegen is een eigenaardig uitzonderlijk werk. Het is zogezegd een beetje een vreemde eend in de bijt. Alsof hij dacht: 'Bekijk het met je bloemen en fruit, schilder die zelf maar. Mij gaat het om deze kikker.'

Dode kikker met bromvliegen
Dode kikker met bromvliegen — Ambrosius Bosschaert de Jonge

Ach, kijk nou toch,.. Beide schilders hebben het dier met evenveel liefde geschilderd. Is de kikker wel dood of zwemt hij op het droge en oefent hij de rugslag?

Nu is het wonderlijke, maar ik kan er niets over vinden, dat beide schilders in Utrecht woonden en dat de kikkers rond dezelfde tijd ontstaan zijn. De een voegt deze als een macaber detail toe aan een bont stilleven, de ander laat de dode de hoofdrol spelen. Het kan niet anders dan dat ze bij elkaar rondgesnuffeld hebben. Zou het dezelfde kikker zijn?

Terug naar mijn kikker, want die leeft intussen nog en er is nog geen oplossing. Met de racebandjes over het kopje rijden lijkt me niets, ik zou uren moeten poetsen om er zeker van te zijn dat er geen resten aan kleven. Het beestje met mijn raceschoenen pletten? Nope, geen sprake van. Waarom liggen hier nergens stenen? Arme kikker. Hoe moeten we jou nu spoedig en pijnloos naar de andere zijde krijgen? Een platgewalst bierblik biedt uiteindelijk uitkomst.

Afscheid van kikker - het spijt me dat je dit is gebeurd makker - kikker op straat, geplet blik op kikker, stampen op blik. Kikker in berm leggen. Fietsen.

De lente komt.