Naar alle columns

(G)een oog voor de dood

Door Agnes Frijlink

'Kijk eens', zegt geliefde, 'wat een mooi werk dit is.' Hij schuift het boek over Gustave Klimt (1862 - 1918) met de afbeelding waarop hij doelt voor mijn neus. Tjeeh, ja, inderdaad,.. dat is een erg sterk werk. Natuurlijk, alle werken van Klimt zijn sterk, maar deze is wel heel bijzonder sterk. Sommige kunstwerken hebben net dat beetje meer waardoor ze weerhaken lijken te hebben die, als je er van wegloopt, nog net even die extra bite geven. Het gaat hier om het werk 'Tod und Leben' (1911). Het is een fors werk, 178 x 198 cm

Tod und Leben
Tod und Leben — Gustave Klimt

Het zou een onbezorgd vredig schilderij geweest zijn, als die griezel, daar links, de pret niet zou bederven. Die griezel daar links, dat is de dood. Magere Hein, zonder zeis, maar met scepter. De rechterzijde van het schilderij is gereserveerd voor een innig tafereel van verstrengelde mensen. Even lijkt het zo'n spelletje: hoeveel mensen tel jij? Ik tel er negen.

Maar Hein houden ze wat op afstand, hij knuffelt niet mee.

De wijze waarop de mensen elkaar omhelzen zagen we eerder in Klimt's 'De kus'. En we zien deze verstrengelingen in meer werken van hem terug. Klimts personages zijn heerlijk lijfelijk. Alles raakt alles, ieder raakt ieder. Alles is een en een is alles. Maar Hein houden ze wat op afstand, hij knuffelt niet mee.

Er zijn verschillende interpretaties over dit werk te vinden en de meesten zijn positief van aard. Zo wordt er gesproken over 'een ode aan het leven', en 'een eindeloze groepsknuffel die de levenscyclus symboliseert.' Maar mij valt het vooral op dat de levenden zo opgaan in hun vrolijk gekleurde leven en (ge)liefde(n). Ze hebben geen oog voor de dood. De dood staat los van hun 'bubbel'. Het is bijna jaloersmakend.
Bijna? Of helemaal?

Wijlen Johan Cruijff zou natuurlijk zeggen dat elk nadeel z'n voordeel heeft (en vice versa).

Ik herinner mij dat ik als kind, nog geen tien jaar, tijdens een onenigheid mijn ouders eens verweet: 'Waarom hebben jullie mij gemaakt? Het is allemaal zinloos, ik ga toch dood.' Hoe kwam Hein nou zo vroeg al in mijn bubbel? En was dat erg?

Nu ik dit hier ter plekke overdenk, merk ik dat ik er niet helemaal uitkom. Is het nou positief dat zij de dood niet zien en hem geen onderdeel laten uitmaken van hun (ik noem het maar even) bubbel, of negatief? Wijlen Johan Cruijff zou natuurlijk zeggen dat elk nadeel z'n voordeel heeft (en vice versa).

Gustave Klimt
Gustave Klimt

Zou een bloem, als ze zou weten dat ze morgen vertrapt wordt, vandaag nog energie steken in haar bloei? Tjah, wie zal het zeggen. De ene bloem misschien juist wel en de andere niet. Wie teveel de focus op het eindstation heeft, vergeet tijdens de reis om zich heen te kijken en te genieten. Maar als het een reis met erg veel tegenslagen is, kan dat eindstation ook een aangenaam vooruitzicht worden.

De verstrengelden hebben geen oog voor de dood, maar hij heeft wel oog voor hen. Of wacht, nu ik nog eens kijk, hij heeft oog voor een iemand in het bijzonder. Een van de negen heeft de ogen open. De vrouw het meest links. Haar gezicht is naar de dood gekeerd, en zijn blik vangt de hare. Het is net alsof hij haar grijnzend vraagt: 'Ga je mee, schatje,.. gaan we leuke dingen doen,.. kom knuffelen met mij,...kom maar,..kom maar,.. ' Deze dame gaat eraan, valt mij in, tenzij ze haar vizier weer richt op de bubbel van de levenden en opgaat in de verstrengeling.

Geniet van de lente!