Tuinfluiter

Door Ruud Streefkerk, 2021

100cm x 150cm

Vlak nadat wij een insectenhotel aan onze muur hadden opgehangen, bleek een tuinfluiter dat plekje uitgekozen te hebben om er een nest van mos en gras bovenop te bouwen. De tuinfluiter is een zangvogeltje van ongeveer 14 cm groot (incl. staartveren), die normaal gesproken een komvormig, goed verborgen nest in dichte begroeiing maakt. Hij heeft een onopvallend uiterlijk: een bruingrijze bovenzijde en een licht geelbruine onderkant, een rond kopje met een spits bruin snaveltje en grijsbruine poten. Het voedsel bestaat uit insecten, bessen en zaden. De tuinfluiter broedt van begin mei tot juli. Eén broedsel per jaar, met in ons geval 4 eieren waarvan er twee uitkwamen. Broedduur is slechts 11 à 12 dagen. Naar het schijnt broeden beide ouders op de eieren, maar dat hebben wij niet gezien, het mannetje kwam wel af en toe wat eten brengen. Na het uitkomen zaten de jongen 10 dagen in het nest voor ze uitvlogen, vanaf dat moment hebben we ze niet meer teruggezien. Tussen juli en oktober trekt de tuinfluiter via Frankrijk, Spanje en Portugal naar Afrika, waar hij ten zuiden van de Sahara overwintert. De overtocht naar Afrika verloopt grotendeels via de Straat van Gibraltar. 

€3000,00

Techniek

Tweedimensionaal | Schilderkunst | Oils | Op papier

Tags

Insectenhotel Tuinfluiter Zangvogeltje

Over Ruud Streefkerk

Ruud Streefkerk maakt sjabloonschilderijen met olieverf op papier. Dit is een techniek die door weinig kunstenaars beoefend wordt. Hij bouwt zijn schilderijen op uit losstaande, grillig gevormde kleurvlakken. Soms doorsnijden gedeelten van cirkels of rechthoeken het vlak. Zijn schilderijen vormen dikwijls de neerslag van indrukken die hij tijdens zijn reizen door Europa opdoet. Landschappen, mensen, gebouwen worden opgesplitst in ontelbare kleine kleurvlakjes. Het werk vereist dus een actieve betrokkenheid van de beschouwer, die op zij eigen wijze het totaalbeeld weer opbouwt. Soms worden de schilderijen, die het standaardformaat 75 x 100 cm hebben, gecombineerd tot meerluiken, die daardoor hele wanden kunnen beslaan. In zijn laatste werk is de menselijke figuur verweven met het landschap