Naar alle columns

Begin over het einde

Door Agnes Frijlink

'Ik word oud. Er zijn doden in mijn leven.' Zegt Jeroen Brouwers ergens in een van zijn romans. En inderdaad, hoe ouder je wordt, hoe meer mensen die je kent en of waar je verwant mee bent, zijn gestorven. Het grote afscheid begon meestal met Opa's en oma's, ooms en tantes, en schuift langzaam op naar het begraven van vader, moeder, neven en nichten, vrienden en vriendinnen.

Tijdens begrafenissen word je onvermijdelijk geconfronteerd met je eigen eindigheid. En de dood, ik heb het er niet op. Gestorven zijn lijkt mij niets. Aan de andere kant is helemaal nooit sterven ook geen aantrekkelijke optie. Probeer het maar eens te bedenken, dat je eeuwig zou zijn wat je nu bent. Ondenkaar en nog enger dan de dood, wellicht.

Het onbegrijpelijke aan de dood is het onherroepelijke ervan. Iemand is niet dood tot volgende week, tot volgend jaar of tien jaar lang. Weg is weg. Het licht blijft voorgoed uit. Geen herkansing meer. Dit is zo lastig te aanvaarden en te snappen dat het heel begrijpelijk is dat de mensheid sinds mensenheugenis allerlei versies van een hiernamaals in het leven heeft geroepen. We kunnen ons ons einde, dat we nergens meer zijn, dus er niet zijn, namelijk niet voorstellen. Overigens, voor we geboren werden waren we er ook niet, dat kunnen we ons evenmin voorstellen, maar dat is minder lastig om aan te nemen, lijkt het.

Sombrero galaxy
Sombrero galaxy

Als het toch niks uitmaakt wat we ons (kunnen) voorstellen, stel ik mij voor dat ik na mijn dood zweef naar het Sombrero stelsel. Dit Sterrenstelsel dankt zijn naam aan de vorm die aan een Mexicaanse hoed doet denken. O, wat mooi! Het is te vinden in de Virgocluster als Messier 104.

Opmerkelijk misschien dat de eerste column, zo aan het begin van het jaar, over het einde begint. Maar ook weer niet wanneer je de dagen voor Kerst aan iemands sterfbed zat en de stervende over de horizon hebt zien gaan. We zwaaiden en spraken tot hij helemaal uit zicht was. Een sterfbed thuis, het langzaam gaan, hoe verdrietig ook, heeft ook iets moois. Zeker als je het vergelijkt met dood door: een auto-ongeluk, neergeschoten/stoken zijn, een bombardement, eenzaam doodvriezen als dakloze, onthoofding door IS, etc.

Maar nu vergeet ik deze man niet meer: Ary Scheffer.

Hoe dan ook,

Al bladerend door de boeken kwam ik het werk, 'De dood van Gericault' tegen van Ary Scheffer. Het is een herkenbaar tafereel. Bij voorkeur zoek ik altijd een werk dat ik niet ken en waarvan de schilder mij ook weinig zegt. 'Shame on me', denk ik dan. 'Ik weet ook niks he.' Maar nu vergeet ik deze man niet meer: Ary Scheffer (spreek uit als Arei).

Ary Scheffer zelfportret
Zelfportret — Ary Scheffer

Ary Scheffer (1795 - 1858) werd geboren als zoon van Johan Bernard Scheffer die eveneens beroepsschilder was. Zijn moeder was Cornelia Lamme, eveneens kunstschilder en afkomstig uit een kunstenaarsfamilie. In 1797 verhuisde het gezin naar Den Haag. Later vertrokken ze naar Amsterdam, waar vader Scheffer één jaar hofschilder van koning Lodewijk Napoleon werd. In 1811 verhuisde Scheffer naar Parijs, waar hij in de jaren daarna succes oogstte en bekendheid verwierf. Hij had beroemde vrienden, waaronder Franz Liszt en Frédéric Chopin, die hij drie keer portretteerde.
Ary Scheffer was ook bevriend met Eugène Delacroix en Théodore Géricault, zij worden gerekend tot de stijl van de romantiek. Scheffers manier van schilderen werd zodanig door de Franse stijl beïnvloed, dat hij nauwelijks tot de Hollandse romantiek gerekend kan worden.

Ook op een schilderij lopen we niet met ons verdriet te koop.
De dood van Gericault
De dood van Gericault — Ary Scheffer

Théodore Géricault stierf jong (1791-1824). Hij leed aan tbc. Op dit werk zien we hem liggen op zijn sterfbed, bijgestaan door zijn vrienden. Beiden houden ze een hand vast. Wellicht voelen ze zijn pols, die zwakker wordt. Is er nog contact of is hij al gestorven? Kan Géricault zich nog uiten, of is hij al te ver weg, over de horizon? De man vooraan op de stoel heeft zich van de stervende Géricault afgewend, zijn gezicht en tranen verbergend. Ook op een schilderij lopen we niet met ons verdriet te koop.

Théodore Géricault. Op 22 augustus 2014 schreef ik een column over hem en zijn werk 'Het vlot van De Medusa'.

'De dood van Gericault' van Ary Scheffer is te vinden in het Dordrechts Museum.